30 speerpunten tot radicaal discipelschap

30  SPEERPUNTEN TOT RADICAAL DISCIPELSCHAP

  1. Het verzamelen van Gods gunstgenoten die Gods verbond willen sluiten met offers (Ps.50:5).
  2. Jaag naar gerechtigheid, naar liefde en vrede met hen die de Here aanroepen uit een rein hart (2 Tim.2:22b).
  3. Het verlangen dwarsverbindingen te zien tussen heelhartige christenen, die elkaar zoeken, zelfs als ze nog op enig punt anders gezind zijn (Fil.3:15).
  4. Het verkondigen van het evangelie van het Koninkrijk der hemelen, zoals Jezus dat bracht.
  5. Leren denken, spreken en handelen vanuit onze plaats in de hemelse gewesten in Christus Jezus (Efeze 2:6).
  6. Het belang van het voeren van geestelijke strijd tegen de machten der duisternis (Efeze 6:12).
  7. Aandacht voor overwinningsleven, heiliging, zoonschap, kortom: geestelijke volwassenheid.
  8. Het omzetten van leer en inzicht in het praktische, dagelijkse leven.
  9. Het besef van een zuiver beeld van God, een gezond mensbeeld en een scherp beeld van de boze.
  10. Het wandelen in de Geest zonder te voldoen aan het begeren van het vlees (Gal.5:16).
  11. Het staan op de basis van het door en door betrouwbare Woord van God.
  12. Het geestelijke leren verstaan wat we in het Woord lezen.
  13. Het aanvaarden en toepassen van de heerschappij van Jezus, als Meester en Here, in ons leven.
  14. Het vinden van balans tussen Woord en Geest en tussen vrucht en gaven van de Geest.
  15. Het waarschuwen voor ontwikkelingen die de gemeente op een zijspoor brengen en afleiden van haar hoge hemelse roeping.
  16. Het beleven van het principe “ieder heeft iets” in de werkelijkheid van het gemeenteleven.
  17. Een duidelijk oog hebben voor genezing en bevrijding van de totale mens.
  18. Jezus Christus prediken als Verlosser, Voorloper en Voorbeeld en als Christus in ons leven geopenbaard.
  19. De gemeente als een levend en bewegend organisme zien functioneren en niet primair als een organisatie.
  20. De gemeenschap (organisme) bouwen en bevorderen, in plaats van puur een los, op zichzelf gericht christen-zijn (individualisme)
  21. Het brengen van fundamentele opbouw (melk) en het geven van vaste spijs tot volwassenheid.
  22. Het stimuleren van geloof en gehoorzaamheid in Christus.
  23. Het zo nu en dan durven aanpakken van “heilige huisjes” in het christendom, of de christelijke leer (bijvoorbeeld aardsgerichte, natuurlijke leringen aanwijzen).
  24. Het oplaten van “proefbalonnetjes” en “nadenkertjes” ter overweging en toetsing (niet al te bang zijn visies die controversieel zijn eens nader te bezien).
  25. Het bouwen aan een geestelijk gericht toekomstperspectief in Gods plan.
  26. Het hier en daar leren van positieve punten bij groepen met enkele sektarische, specialistische trekken en anderzijds niet schromen kwalijke keerzijden te belichten.
  27. Het naar voren brengen van onbekend geestelijk materiaal dat toch nuttig is voor onze geestelijke vorming.
  28. Het beoordelen van afwijkende leringen, om die af te wijzen, of om de traditionele, christelijke leer nog eens te herijken.
  29. De Bijbel naar voren halen als schatkist van God, om oude en nieuwe dingen te ontdekken en te laten spreken.
  30. Het gebed zien en toepassen als motor tot elke geestelijke vernieuwing.
    Jildert de Boer

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *