Bent u van boven of van beneden?

BENT U VAN BOVEN OF VAN BENEDEN?

 Van welke richting bent u?

 Partijschappen

 Wat onder christenen van belang lijkt te zijn, is van welke richting men is. De vraag naar deze richting wordt dan ook vaak gesteld. Dan gaat het vaak om lidmaatschap van deze of gene kerk, geloofsgemeenschap of organisatie.

Wat werkelijk van betekenis is, zijn veeleer de vruchten, die ‘ons soort christendom’ oplevert. Jezus Christus sprak daarvan: “aan hun vruchten zult gij hen kennen” (Matth. 7:16,20).

De Bijbel maakt korte metten met partijschappen onder christenen (Gal. 5:20). Twist, tweedracht en partijschappen worden zonder meer gerekend tot de werken van het vlees! Dan heeft ieder zijn eigen leuze: “ik ben van Paulus, ik van Apollos, ik van Cefas, en ik van Christus.” (1 Kor. 1:12,13; 1 Kor.3:4). Het wordt een namencultuur en de groep die zegt enkel van Christus te zijn, voelt zich vaak verheven boven alle andere christenen.

God is van meet aan erop bedacht geweest een volk VOOR ZIJN NAAM uit de heidenen te vergaderen (Hand. 15:14) Dat is dus iets geheel anders dan komen ‘in zijn eigen naam’ en voor eigen eer (Joh. 5:41-44) of  ‘de discipelen achter zich (eigen persoon, eigen belang, eigen organisatie) aan te trekken’ (Hand. 20:30).

Het kan zelfs zover gaan als bij ‘Diotrefes, die onder hen de eerste tracht te zijn’, om de macht uit te oefenen (3 Joh. 9). “Hij belastert ons (de apostel Johannes en die met hem waren) met kwaadaardige praatjes; en hiermee nog niet tevreden, erkent hijzelf de broeders niet en verhindert het hun die het wel willen doen en stoot hen uit de gemeente” (3 Joh. 10, HSV). Dat was verdeel- en heerspolitiek en daar is de duivel tuk op. Hoe heel anders was het met Demetrius. Van hem is een goed getuigenis gegeven door allen en door de waarheid zelf; en ook wij geven een goed getuigenis van hem, en u weet dat ons getuigenis waar is” (3 Joh. 12).

Hemelse richting

Als Jezus over een richting sprak, dan was het wel deze: “Gij zijt van beneden, Ik ben van boven; gij zijt van deze wereld, Ik ben niet van deze wereld” (Joh. 8:23). Christenen, die ‘van boven’ geboren zijn en niet van de wereld zijn, hebben een intense belangstelling in het hemelse: “Bedenkt de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn” (Kol. 3:2). Zij doen maar één ding: vergetende hetgeen achter mij ligt en mij uitstrekkende naar hetgeen voor mij ligt, jaag ik naar het doel, om de prijs der roeping Gods DIE VAN BOVEN IS, in Christus Jezus (Fil. 3:14). Zij, die in deze wedloop, deze renbaan, naar het volkomene zijn, worden door hun levensgemeenschap in Christus Jezus één! Ze zijn enkel en alleen gegrepen van Christus! Dat wil zeggen: van Zijn persoon, Zijn naam en Zijn woorden. Zij wortelen in de dood van Christus én het deel hebben aan Zijn leven!

Aardse richting

Over de andere richting ‘van beneden’ sprak Jezus: “Wie uit de aarde is, is uit de aarde EN SPREEKT UIT DE AARDE” (Joh. 3: 31b). Je taal maakt je openbaar! Ondanks naamgeving, die soms fraai klinkt, blijkt wel uit het spreken waar het hart is en waar de schatten verzameld worden. Zodoende blijft er verdeeldheid bestaan, wordt de wereldgeest binnengelaten, het volle gezag van de Bijbel over het gehele leven gekortwiekt en de interesses belanden op het aardse, zichtbare vlak! Er wordt volop over de aardse dingen gesproken en er is weinig werkelijke aandacht voor het hemelse en het omzetten van Gods woorden uit de hemel in leven.

Een discussiecultuur ontstaat met veel meningen, eigen gelijk en sterke, menselijke persoonlijkheden. Zelfzucht, bittere naijver en heerszucht zijn aan de orde, in plaats van de hemelse wijsheid in bijvoorbeeld buigzaamheid, gezeglijkheid, zachtmoedigheid en onpartijdigheid (vgl. Jak. 3:13-18). Waar afgunst en eigenbelang is, daar heersen wanorde en allerlei kwade praktijken.

Proces van scheiding

Paulus schrijft al: “Want scheuringen moeten er wel onder u zijn, zal het blijken, wie onder u de toets kan doorstaan” (1 Kor. 11:19). Of met de Statenvertaling: “opdat degenen die oprecht zijn, openbaar mogen worden onder u”. De oprechten zijn de godvruchtigen en getrouwen, die aan hun hemelse roeping beantwoorden. De Herziene Statenvertaling zegt: “opdat wie beproefd blijken te zijn, in uw midden openbaar komen.” De NBV drukt het zo uit: “het is onvermijdelijk dat er partijvorming onder u is, zodat duidelijk wordt wie van u betrouwbaar is.”

Toepassing van kennis van de onzichtbare wereld is noodzakelijk voor ons leven. Christen-zijn is een wijze van ‘van bovenuit’ of ‘vanuit boven’ leven en wel vanuit het Koninkrijk van God door Gods gedachten over te nemen en daarnaar te gaan spreken, leven en handelen. Alle kennis, die wij kregen wordt zo omgezet in daad! Het gaat primair om een gestage ontwikkeling van innerlijk, goddelijk leven in de richting van het aankomende, volle zoonschap. Dat houdt in dat Christus gestalte in ons krijgt (Gal. 4:19). Het leven van de waarachtige christen ontwikkelt zich vooruit, altijd voorwaarts, op weg naar het doel van God met de mens: de volkomenheid! (2 Tim. 3:17).

Volle evangelie – pionier J.E. van den Brink heeft regelmatig ‘de wet van de letter V ‘ aangehaald: de benen van die letter beginnen bij elkaar, maar lopen steeds verder uiteen. We zien dit in Openb. 22:11, waar gezegd wordt: “Wie onrecht doet, hij doe nog meer onrecht; wie vuil is, hij worde nog vuiler; wie rechtvaardig is, hij bewijze nog meer rechtvaardigheid; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd.” Hij doelde op de subtiel beginnende, maar onontkoombare, grote scheiding en schifting in de eindtijd: Babel contra Jeruzalem, ontwikkelingsprocessen van vleselijke en geestelijke christenen, van aardsgezinden en hemelsgezinden, die uit elkaar lopen en hun climax zullen bereiken. Het is de scheiding tussen hen die ‘van boven’ en hen die ‘van beneden’ wandelen.

Appèl tot eenheid

Daarnaast geloof ik persoonlijk dat ook ‘de wet van de letter A’ in vervulling zal gaan. De benen van deze letter komen weer bij elkaar en er komt een ‘dwarsverbinding’ tussen de oprechten van hart! Voor hen gaat immers het licht op! (Ps. 112:4).

God verzamelt tot gemeenschap ALLEN, die werkelijk Jezus Christus in geest en waarheid volgen. “En zoals de hemelse is, zijn ook de hemelsen” (1 Kor. 15:48b).

De profeten van het oude verbond spreken regelmatig over dit verzamelingswerk! Ik noem hier Micha 2:12-13: “Voorzeker zal Ik u, o Jacob, in uw geheel bijeenbrengen, voorzeker vergaderen het overblijfsel van Israël. Ik zal hen BIJEENBRENGEN als schapen in een kooi in het midden der weide. Het zal er gonzen van mensen. De doorbreker trekt vóór hen op; zij breken door en trekken door de poort en gaan daardoor uit; en hun koning terkt voor hen uit, en de Here aan hun spits.” De doorbreker is de koploper, de belhamel (het schaap dat voorop loopt). In de NBV staat: “hij die een bres slaat gaat voorop.”

In het nieuwe testament is bijvoorbeeld Joh. 11:52 een duidelijke tekst in dit verband, waar we lezen: “…dat Jezus zou sterven voor het volk en niet alleen voor het volk, maar om ook de verstrooide kinderen Gods bijeen te vergaderen”.

Er is geen eenheid mogelijk met ‘Jan Rap en z’n maat’. Daar waar de zonde intact blijft en ongemoeid gehandhaafd wordt, kan geen echte eenheid zijn. De eenheid, gelijk de Vader en de Zoon één zijn, zo verstrekkend beschreven in Joh. 17, is bovenal een eenheid in het Woord (Joh. 17:6,8,14,17,20), in de naam van de Vader (Joh. 17:6,11,12,26) en in hetzelfde goddelijke leven (Joh. 17:10,19,22-24,26).

Een vleselijk christendom levert geen goddelijk leven en eenheid op. Daar blijven de partijschappen in stand (1 Kor. 1:11-13; 1 Kor. 3:1-4; Gal. 5:20). Daar horen we het rumoer van veel voorhofschristendom. Zij, die bivakkeren ‘aan de voet van het kruis’ (overigens een religieuze, niet aan de Bijbel ontleende term) leven niet als geestelijke mensen. Zondevergeving wordt vaak gezien als het hoogst haalbare. Dat wil zeggen: ze komen niet verder dan zondenvergeving -zonden doen – opnieuw vergeving vragen, enzovoort. Zij zijn niet één van Geest (Ef. 4:3) en ze worden nooit één van zin en één van gevoelen (1 Kor. 1:10).

Het kruis houdt veel meer in dan de verzoening van onze zondeschuld! Is het voor u een geloofsfeit geworden dat u oude mens met Christus werd medegekruisigd? (Rom. 6:6a) Of bent u allergisch voor een “doe weg” en “leg af” boodschap? Of houdt u er niet van als hier gezegd wordt “laat je nu eens bevrijden van al de gebondenheden die je kent.” Het evangelie spreekt namelijk niet alleen aan, want het spreken van de Geest gaat tegen het vlees in. Het evangelie staat haaks op gebondenheden die zich in ons gesetteld kunnen hebben en voorziet in een krachtige bevrijding van dingen waar je aan vast zit. Breek ermee of laat met je bidden ervoor! Als je dingen die God niet behagen en Hem niet welgevallig zijn in je leven toch vasthoudt, dan kom je in de vermenging van Babel terecht, dan gaat dat leiden tot een leven ‘van beneden.’

Velen willen wel de beloften van heerlijkheid, maar de prijs daarvoor betalen willen ze niet. In hen, die met Hem gekruisigd zijn, kan het nieuwe, goddelijke (opstandings)leven zich in werkelijkheid gaan openbaren. Daar AAN het kruis komt er overwinning over de machten der duisternis (Kol.2:15). Daar komt een einde aan de eigen, menselijke prestaties (gerechtigheid) (Gal. 2:19-20) en de hartstochten en begeerten van het vlees (Gal. 5:24). “Het woord is betrouwbaar: immers, indien wij met Hem gestorven zijn, zullen wij ook met Hem leven…” (2 Tim. 2:11). In hen, die met Hem gestorven zijn, openbaart zich het opstandingsleven. Dat komt in de praktijk zichtbaar tot uiting! Het zijn de levenseigenschappen van Christus, de vrucht van de Geest, de goddelijke natuur! Deze nieuwe wezenstrekken van bijvoorbeeld goedheid en geduld mogen ons in toenemende mate gaan vervullen!

In Efeze 2:14-18 zien wij zonneklaar, dat het kruis van Christus niet slechts een verticale dimensie heeft richting God, maar ook een horizontale dwarsbalk richting andere mensen: het teniet doen van de vijandschap door het wegbreken van de tussenmuur, om vrede te maken! In eerste instantie betreft het hier het opheffen van de scheiding tussen Jood en heiden, maar zeker ook de verwijdering van de partijmuren tussen waarachtige christenen, die geestelijke mensen willen zijn. Het geheim is: het lichaam van Christus aan het kruis! Zij, die een gekruisigd leven leiden, vormen Zijn lichaam en in hen komt dan ook het opstandingsleven steeds heerlijker tevoorschijn!

Nederigheid is de sleutel tot eenheid en tot bestendiging van die eenheid (Ef. 5:21; 1 Petr. 5:5). De weg van het kruis is het gaan van de onderste weg op aarde – daar mogen ‘sterke, menselijke persoonlijkheden’, ‘eigen gelijk’ en ‘eigen eer’ sterven en het loodje leggen – maar het is tegelijkertijd de weg die omhoog voert, in de hemelen en zich uit in liefde en het werkzaam zijn met de Geestesgaven.  Het is de goddelijke wetmatigheid van “al wie zich vernedert, zal verhoogd worden” (Matth. 23:12b; 1 Petr. 5:6; Luk. 14:11 en Luk. 18:14). Wie het vatten kan, die vatte het!

Zijn wij gegrepen van het realiseren van het hemelse leven te midden van het praktische leven van alledag op aarde? Dan hebben wij de roeping en de goddelijke mogelijkheid door de heilige Geest tot eenheid! Laat daarom het woord in ons hart branden, dat ons daartoe aanspoort: “Jaag naar gerechtigheid, naar trouw, naar liefde en vrede, met hen die de Here aanroepen uit een REIN hart” (2 Tim. 2:22). Het werkwoord ‘jagen’ geeft een krachtige aansporing, maar tegelijk is de beperking duidelijk dat alleen reine harten door de Here aaneengesmeed kunnen worden! Hierbij is er ‘werk aan de winkel’, goddelijk verzamelingswerk wel te verstaan. Aan ons echter de opdracht en de verantwoordelijkheid, om te beginnen in eigen omgeving, in eigen kring. Voor de oprechten gaat het licht op! (Ps.112:4)

Hemelse kwaliteit

Velen zoeken grote scharen mensen bijeen te brengen in het christendom (hoeveelheid of kwantiteit) Wij zoeken vooreerst een christen-zijn, waarbij de kwaliteit voorop gaat. In veel christelijke gemeenten is een grote breedte, maar vaak helaas weinig diepte. Dat moet zo niet zijn. Als de diepgang maar een paar centimeters is, ontbreekt het aan wezenlijke inhoud.

We willen krachtig opwekken tot verdere levensverandering naar Gods Woord en door Gods Geest. Filosoferen over Gods Woord en mijmeren over de wil van God zijn zaken, die ons in wezen niets helpen. Luisteren naar mooie, interessante preken wordt veel gedaan, maar als we geen DADERS van het woord zijn, misleiden we onszelf (Jak. 1:22). Talloze ‘christelijke’ discussies zijn nutteloos, want ze brengen geen sikkepit aan geestelijke groei teweeg, maar bevorderen veeleer de Babylonische spraakverwarring van twist en tweedracht. Kernzaak is het bewerken van geloofsgehoorzaamheid, daar draait alles om! (Rom. 1:5 en Rom. 16:26).

Degenen die ‘van bovenuit’ geboren zijn en leven, DOEN de wil van God en het leven van Christus krijgt gestalte in hen! (Joh. 7:17; Gal. 4:19). Hier is sprake van eenvoudige en loutere toewijding aan Christus met het doel als een reine maagd voor Christus gesteld te worden (2 Kor. 11:2,3). In het algemeen wil men niet aan één Man (Christus) verbonden zijn en afzondering van de wereld (2 Kor. 6:17) en vreemdeling op aarde te zijn (Ps. 119:19; Hand. 7:6; 1 Petr. 1:17; 1 Petr. 2:11; Hebr. 11:13,14,16), lijken soms onbekende begrippen, waar velen weinig meer van willen weten. Een vreemdeling op aarde zijn, is niet de vreemde snoeshaan uithangen of een zonderling iemand worden. Wij willen niet meer van deze wereld zijn en naar de wereldse gang van zaken leven, maar als hemelburgers functioneren (Fil. 3:20). Velen durven het niet aan deze zaken te verkondigen, want men is bang dat dan de mensen weglopen… Daarom is er zoveel gezapigheid en lauwheid op veel plaatsen. Om het bezoekersaantal sjoemelt men dan liever wat en worden de scherpe kantjes van het Woord eraf gehaald. Op die wijze kweekt men aanhangers, maar geen discipelen! Laten wij er ernst mee maken rechte voren te trekken bij het brengen van het woord der waarheid (2 Tim.2:15).

Zoek eerst het Koninkrijk

Gelukkig zijn er, die door Gods grote genade ingaan op de hemelse roeping tot een goddelijk leven (Hebr. 3:1; 2 Petr. 1:4). Zij zijn door de enge poort – die spreekt van loslaten van het aardse – gegaan en wandelen op de smalle weg (Matth. 7:14). De poort is de toegang tot de weg. Die spreekt over Jezus en over wedergeboorte. De weg spreekt over een ontwikkeling in leven.

Zij zoeken EERST het Koninkrijk van God (Matth. 6:33) en aan hen geeft Jezus de kostelijke bemoediging: “Weest niet bevreesd, gij klein kuddeke! Want het heeft uw Vader behaagd u het Koninkrijk te geven” (Luk. 12:32). Ziet u dat dit veel verder gaat, dan het Koninkrijk Gods ‘zien’ en het Koninkrijk Gods ‘binnengaan’? (Joh. 3:3,5). Laten wij het nauwgezet en serieus nemen, om getrouw aan de voorwaarden, die God stelt, te leven, zodat het Koninkrijk aan ons geschonken kan worden! Hoe heerlijk is het niet slechts als een Nederlander op aarde te functioneren, maar tevens een ‘bovenlander’ te worden die van bovenuit, vanuit de hemelse gewesten leeft (Ef. 2:6).

Jildert de Boer

©Verdieping en Aansporing

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.