Wat is de toorn van God?

Joh.3:16-21,36; Rom.1:18; Rom.2:4-11; Rom.3:5-6; Rom.3:25; Rom.5:8-9; Rom.9:22-23; Rom.11:21-22; 1 Thess.1:9-10

Het onderwerp dat we nu behandelen kan overkomen als een vervelend, ongezellig en lastig thema, maar de Bijbel spreekt er veel over, dus kunnen en willen we het niet links laten liggen.

Dit zijn allemaal teksten waarbij het begrip “toorn van God” genoemd wordt. In de NBV is het doorgaans door “woede” vertaald en dat maakt het er niet duidelijker op.

Ons vaderbeeld

Hoe wij God zien, heeft vaak te maken met ons eigen vaderbeeld, dat we dan projecteren op God. Sommigen van ons hadden of hebben een vader, die een heerser was: een grillig persoon, vol luimen en nukken. In zo’n geval wist je niet wat je aan hem had en was het vertrouwen in je vader een lastige zaak. Anderen hebben misschien een vader gehad die een goedzak was, iemand die de dingen op zijn beloop liet en de zaken gemakkelijk liet gaan. Een dergelijke vader trad zelden echt op.

God de Vader en uitersten in voorstelling

Bij ons beeld van God kunnen wij een menselijke voorstelling hebben. Veel mensen denken aan een liefdevolle en genadige God. Anderen denken aan een God met Wie je uit moet kijken. Zij zien Hem als een soort boeman en maken er een menselijke voorstelling van: een God die in woede kan uitbarsten en zij hebben een verkeerde angst voor diens grillige buien.

Er zijn mensen die God dienen uit angst voor de hel. Er komen mensen in de psychische problemen door een hel- en verdoemenisprediking. De nood in de zogenaamde “zware kerken” is groot. Daar heeft de duivel van God soms een monsterachtige, wrede despoot gemaakt, in plaats van een liefdevolle Vader. De poort naar het behoud in Christus wordt daar praktisch dicht getimmerd door een uitverkiezingsleer, waarbij God al voor de grondlegging der wereld mensen tot het eeuwige verderf zou hebben bestemd.

In evangelische kringen en “lichtere kerken” is er wel eens eenzijdig gesproken over de liefde van God. God is geen zoetsappige oude grootvader, al wordt Hij in Zijn heiligheid in Dan. 7 drie keer de Oude van Dagen genoemd. Er is onvoldoende kennis en besef van de heiligheid van God, dat Hij gediend wil worden met eerbied en ontzag. “Dwaalt niet, God laat niet met Zich spotten. Wie op de akker van zijn vlees zaait, zal uit zijn vlees verderf oogsten. Wie op de akker van de Geest zaait, zal uit de Geest eeuwig leven oogsten” (Gal. 6:7-8). Met God kun je het niet op een akkoordje gooien door op de akker van je vlees te zaaien. Wat je zaait, zul je oogsten: dat is een goddelijke wet, die ten positieve of ten negatieve uitwerkt. Zaaien op de akker van het vlees heeft gevolgen. Je oogst de dorens, die daardoor opkomen en dat ligt uiteraard niet aan God. GOD IS GOED, MAAR HIJ IS NIET ZOET! Wie denkt: “ach, God vergeeft toch wel”, maakt de genade goedkoop en vergeving wordt op die manier een farce. Het is een half evangelie als God slechts wordt gezien als een soort Vergever van beroep. Inderdaad vergeeft God op een eerlijke belijdenis graag en veel, maar dat kan niet in één keer de gevolgen van verkeerd zaaien opheffen.

Het is geweldig belangrijk dat wij de waarheid “God is enkel goed” hebben verstaan, als wij van Hem maar geen “ons lief Heertje” maken. Er zijn er die doorgeslagen zijn naar: “God is zo goed, je kunt over hem lopen” tot zelfs: “God is zo goed, dat iedereen gered wordt tot zelfs de duivel toe”.

Oude en Nieuwe Testament

Wij weten dat het Oude Verbond vaak een gebrekkig en beperkt inzicht geeft. Veelal schreef men alles wat uit de onzichtbare wereld komt toe aan God, ook de kwade en negatieve dingen. Sommigen zijn zover gegaan dat zij denken dat het Oude Testament God laat zien als toornige wreker en het Nieuwe Testament een God van liefde toont. Dan zou er geen harmonie in God zijn. Natuurlijk is God in het Oude en het Nieuwe Verbond dezelfde God. Wij hoeven ook het Oude Testament niet te herschrijven, al is het begrip van de geestelijke wereld met haar goede en kwade bron daar ook nog versluierd.

In Johannes 17 spreekt Jezus over heilige en rechtvaardige Vader (Joh. 17:11,25). Ook in het Nieuwe Testament wordt ongeveer 23 x gesproken over de toorn van God, waarvan 6x in het boek Openbaring. Belangrijk is het om vast te houden dat God nooit hardvochtig is, of zou kunnen denken: net goed. Even wezenlijk is dat God evenmin soft is, een weke God, die alles maar op Zijn beloop laat. God is enkel goed EN God is enkel heilig!

Wat is de toorn van God?

Elke vorm van menselijke invulling van het begrip “toorn van God” gaat mank. Het gaat bij Hem nooit om vlagen van woede, om wraaklustigheid, een uitbarsting van boosheid, of een onberekenbare tiran die regelmatig een slecht humeur heeft. God is geen gevaarlijke god, waar je voor uit moet kijken. In alle omstandigheden is God te vertrouwen. In Hem ben je absoluut veilig. Terecht merkte de grote dichter Vondel op: “buiten God is het nergens veilig”! In Habakuk 1:13 lezen we: “Gij, die te rein van ogen zijt, om het kwaad te zien, en die het onrecht niet kunt aanschouwen…”. God heeft geen enkele gemeenschap met de zonde. Hij staat nimmer in contact met de boze. God heeft een afschuw van het kwade en van alle verzet tegen Zijn gezag. God oordeelt het kwaad. Hij is niet onbewogen over het kwade, maar Hij is heilig verontwaardigd over alle onrecht. Dat tast Zijn door en door goede wezen of karakter niet aan. God haat immers de zonde en Hij treedt op tegen Zijn vijanden, dat zijn in de eerste plaats de machten der duisternis. Als God geconfronteerd wordt met het kwade, dan laat Hem dat niet koud. Het verdriet en smart Hem. Het doet Hem pijn en leed. Als de mens meegaat met de machten der duisternis in het kwaad, dan laat God slechts lijdend los. Met afschuw geeft de Here zo’n mens over als die er voor kiest de machten der duisternis te gehoorzamen en te dienen. Dat is de toorn van God.

Overgegeven aan een verwerpelijk denken, om te doen wat niet betaamt

“Gods vriend ‘lijk aangezicht geeft vrolijkheid en licht” zegt een Psalm zo mooi. In Rom. 1:24,26,28 zien we dat de toorn van God inhoudt dat Hij de mens overgeeft aan zichzelf en allerlei ellende, die hij zelf gezaaid heeft en waarop onvermijdelijk een oogst volgt, waarbij de gevolgen gedragen moeten worden. Ten diepste is dit een prijsgeven aan de machten der duisternis, die alle goddeloosheid stimuleren. Je zou kunnen zeggen: God geeft daar als het ware van over, met excuus voor deze uitdrukking. God wendt Zijn aangezicht af en verbergt het. Dan waakt Hij niet meer en valt Zijn bescherming weg en krijgen de demonen ruimte en op den duur zelfs vrij spel.

God is lankmoedig

God is lang van moed. Hij heeft een enorm geduld. Hij is nooit impulsief, maar traag tot toorn. God is volkomen in de rust en volledig in de zelfbeheersing. In zijn geduld heeft Hij alle volken op hun eigen wegen laten gaan (Hand. 14:16). God talmt niet met de belofte, maar wil niet dat er mensen verloren gaan (2 Petr. 3:9). God handelt nooit in een opwelling. Noach predikt en waarschuwt van te voren voor het oordeel dat gaat komen, voordat de aarde wordt prijsgegeven in het ontketende geweld van de machten der duisternis in de zondvloed. Op de prediking van Jona ging het aangekondigde oordeel niet door en werd de toorn opgeheven en afgewend toen de stad Ninevé zich bekeerde. Als de houding verandert, kan alles zich ten goede keren en wordt de toorn afgewend (Ps. 78:38).

God is erop uit dwars door alles heen Zijn schepping te redden, op een rechtvaardige, constructieve manier en uiteindelijk met het herstel door middel van de zonen Gods.

Behouden worden van de toorn

Er is een volledige harmonie in God, nooit kan er een tegenstelling bestaan tussen Zijn eigenschappen. Als je bewust dingen blijft doen die tegen het Koninkrijk van God ingaan, dan krijg je te maken met de toorn van God, omdat je prijsgegeven wordt aan de machten der duisternis die je dient. Daarom willen wij de mensen tot geloven bewegen en ze in Christus verzoening aanbieden (2 Kor. 5:11,21). Dan word je behouden van de toorn hebben we gelezen (Rom. 5:9). Dat neemt niet weg dat we voor de rechterstoel van Christus komen en verantwoording zullen afleggen voor onze werken, hetzij goed, hetzij kwaad (2 Kor. 5:10).

Wie niet in Jezus is, hoort de boodschap: God houdt van je, want Hij heeft de wereld lief en wil dat de wereld door Hem behouden wordt (Joh. 3:16-17). Als je ongehoorzaam aan Jezus wilt blijven, dan blijft de toorn van God op je. God is een naijverig, een jaloers God, die niet wil dat je afgoden dient, waar de machten der duisternis achter zitten. God heeft er verdriet van als mensen de duisternis liever hebben dan het licht (Joh. 3:19). Door in Jezus te geloven en Hem te gehoorzamen kunnen we vrede maken door het bloed van het kruis.

God is heilig

God bakt echter niet altijd zoete broodjes. Haat u werkelijk de zonde? God heeft een hekel, een pest aan zondigen. God mag GOD zijn en Hij walgt van zonde. Daar moeten we mee breken in ons leven, want God heeft er een afkeer van.

Ondanks liefde, genade en vergeving mogen wij geen half evangelie brengen. God is heilig, heeft Zich volledig afgezonderd van het kwade. Hij heeft een gloeiende afkeer van zonde. Neem ik het bloedserieus met alles wat naar zonde ruikt en dus verbinding met de boze? Voor mijn zonden heeft Jezus Zijn kostbare bloed gegeven en met een dure, hoge losprijs betaald! God houdt niet van zonde, want dat leidt tot toorn. Jezus verlost ons van de komende toorn (1 Thess. 1:10).

Laten we zeggen: Heer heilig mij, zuiver mij, louter mij, brandt uit mijn leven weg wat toorn oproept. Laat je Gods snoeimes toe? Dat is om tot meer vruchtdragen te komen. Geloof je erin dat Gods tucht je voert tot vrucht? Tucht is geen klappen krijgen, ook al suggereren drie teksten in Spreuken deze oudtestamentische methode. Tucht is in wezen onderwijzing, opvoeding, vorming en correctie. Het oordeel begint bij het huis van God, of nog dichterbij: in ons eigen leven. God heeft een dag bepaald om de aardbodem rechtvaardig te oordelen. De heiligen zullen de wereld en de engelen oordelen (1 Kor. 6:2-3). Oordelen is scheiding maken tussen goed en kwaad, tussen mensen en machten. Richten is rechtspreken en recht zetten in de goddelijke ordening en harmonie. Als de schepping wordt hersteld is er geen plaats meer voor mensen die willens en wetens Openb. 21:8 hebben ingevuld in hun leven. Hen wacht de poel van vuur, die in principe voor de duivel en zijn engelen bereid is (Matth. 25:41).

God is enkel goed en enkel heilig. God is liefde en God is rechtvaardig. Nergens lees je: God is toorn. Onze God is geen God die ons altijd over ons bolletje aait en altijd aardig is en doet. God is door en door goed, eerlijk en rechtvaardig, daarom ben je nergens veiliger geborgen dan met Christus verborgen in God.

Jildert de Boer

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *