SLEUTELS TOT EENHEID deel 3

SLEUTELS TOT WARE EENHEID IN DE CHRISTELIJKE GEMEENTE deel 3

4. Het Woord

“Heilig hen dan door de waarheid. Uw woord is waarheid” (Joh.17:17, NBV). Dit lezen we midden in het hogepriesterlijke gebed van Jezus om eenheid. Het is een gebed dat de Vader verhoort (Joh. 11:42)! Zonder de krachtige impulsen van het levende en blijvende woord van God kan men nooit tot bijbelse eenheid tussen christenen komen!

Wie de woorden van God relativeert, voor verouderd verklaard, of slechts beschouwt als een mooi toekomstplaatje, doet onrecht aan het gezag en de betrouwbaarheid van God Zelf. Helaas gaan veel menselijke pogingen tot eenheid gepaard met het doen van “water in de wijn”, dat wil zeggen: allerlei veelal tegenstrijdige mensenmeningen zouden dan de kracht van de woorden van God moeten compenseren. Als men de bijbelse bron verlaat, wat voor wijsheid zou je dan nog hebben?

Het hoofdstuk Johannes 17 is vaak misbruikt om te trachten een valse, brede oecumene te ondersteunen. In Joh. 17:6 en 7 lezen we echter onder meer: “Ze hebben uw woord bewaard” en “Ik heb de woorden die ik van U ontvangen heb aan hen doorgegeven, zij hebben ze aanvaard…”. Jezus bidt voor allen die door hun verkondiging in Mij geloven (Joh. 17:20). Een christelijke eenheid, waarbij het Woord van God niet als door en door betrouwbaar en gezaghebbend wordt hooggeacht, is een schijneenheid, die geen stand houdt. Onder het mom van de liefde tot elkaar laat men dan de liefde tot de waarheid los. Dat hoort bij elkaar gehouden te worden!

De volgorde is “door ons aan de waarheid te houden EN elkaar lief te hebben…”(Ef. 4:15, NBV). De waarheid is EEN-voudig. Verdeeldheid is door de duivel gezaaid, om het ingewikkeld te maken. Het is überhaupt een specialiteit van de boze om mensen in te wikkelen, terwijl de Heer de mens na vergeving van zijn zonden juist wil laten ontwikkelen! Verdeeldheid is uit den boze, met medewerking van mensen. De duivel is de ‘diabolos’, de door-elkaar-gooier, die werkt met leugens en ‘halve waarheden’.

Zonder Gods Woord kan er geen eenheid tussen christenen zijn, maar dan uiteraard niet alleen de Bijbel naar de letter genomen. Het Woord is geest en leven (Joh. 6:63). Niettemin is het zoveel mogelijk gebruiken van bijbelse uitdrukkingen belangrijk, want afgeleide theologische of religieuze termen zijn maar al te vaak op menselijke wijsheid geschoeid. Kennis is belangrijk, want het volk van God gaat door gebrek aan kennis (van de geestelijke dingen) te gronde (Hos. 4:6).

Er heerst op het evangelische erf veel Woordarmoede, waarover wij ons serieus zorgen maken en velen zijn nalatig om hun Bijbel effectief te gebruiken op de samenkomsten, waardoor er gemakkelijk een neiging kan ontstaan tot passief aanhoren en oppervlakkigheid, in plaats van met ijver en honger mee te lezen in het Woord en aandachtig mee te volgen in eigen Bijbel. Hoewel parate kennis opdoen naar de letter soms nuttig kan zijn, gaat het allereerst om de gezindheid van de Geest daarbij dat het Woord actueel kan spreken over mijn leven tot verandering!

Het projecteren van teksten is geschikt voor gastendiensten, maar niet gewenst in de onderlinge samenkomsten, omdat het luiheid in de hand werkt, als alle verzen uit de Bijbel op scherm worden voorgeschoteld.

We waren eens te gast in een evangelische gemeente. Er was een uitbundig vreugdebetoon en een enthousiaste lofprijzing. De liederen volgden elkaar vlot op en de gemeente en haar gasten deden geestdriftig mee. Natuurlijk bleven wijzelf daar niet in achter. Zingen tot Gods eer is iets heerlijks, vooral als je het uit volle borst en met je hele hart doet!

Het frappeerde ons echter, dat toen het Woord geopend werd, velen er passief of half onderuit gezakt bij zaten. De meeste mensen hadden geen Bijbel bij zich, of lazen althans de teksten niet mee. De voorgaande broeder ondersteunde zijn betoog met diverse Schriftgedeelten. Het gros van de mensen in de zaal liet dit gewoon gelaten over zich heen komen. Dat wil zeggen: door niet ijverig en actief de Schriftplaatsen mee te volgen, wekten zij de indruk dat zij niet intens betrokken waren bij datgene wat de spreker grondig vanuit het Woord aantoonde. Of was dit alles hen soms al uitermate bekend? Toch waren dit dezelfde mensen die tijdens de zangdienst met grote (uiterlijke?) toewijding de liederen zongen en volop loofden en prijsden.

Bij ons komt de vrijblijvende houding ten opzichte van de Woordverkondiging natuurlijk niet voor… Of soms toch wel? U hebt uiteraard van maandag tot en met zaterdag uw ‘algemeen dagblad’ gelezen. We doelen op uw krant. Hebt u ook van zondag tot en met zaterdag uw ‘hemels dagblad’ gelezen? We bedoelen uw persoonlijke lezen in de Bijbel. Als sommigen op zondag de indruk wekken achter te blijven door geen Bijbel mee te nemen, of die rustig onder de stoel te laten liggen, dan is het de vraag hoe het met het persoonlijke Bijbel lezen door de week gesteld is. Of gaat andere lectuur misschien voor?

Stimuleren wij onze jeugd ook tot het hanteren van de Bijbel? Hebben wij als ouders hen geholpen met het weten te vinden van de bijbelboeken? Zonder het kennen van de volgorde van de bijbelboeken is het moeilijk de Bijbel goed te gebruiken. Ook de jeugdleiding heeft hierin een enorme taak: laat de jongeren maar grasduinen en ontdekken in het Woord! De kunst is het om ze daartoe te verlokken en het Woord boeiend voor ze te maken. Er bestaat immers geen interessanter boek dan de Bijbel!

Ook onder de wat ouderen blijkt het gehalte aan bijbelkennis soms gering te zijn. Hier moet een bewust werk verricht worden, want het komt je niet aanwaaien! “Mijn zoon, indien gij mijn woorden aanneemt en mijn geboden bij u bewaart, zodat uw oor de wijsheid opmerkt en gij uw hart neigt tot de verstandigheid, ja, indien gij tot het inzicht roept en tot de verstandigheid uw stem verheft; indien gij naar haar ZOEKT als zilver en naar haar SPEURT als naar verborgen schatten, dan zult gij de vreze des Heren verstaan en de kennis Gods vinden” (Spreuk. 2:1-5).

Let op de conditie “indien”! Het gaat niet vanzelf en velen hebben slechts een vage, gevoelsmatige indruk van de Bijbel, of kennen de Bijbel door de verhalen uit de kinderbijbel (een niet gering te schatten basis overigens). Inzicht in Gods plan en het geestelijk verstaan van Gods Woord ontbreekt vaak! We zullen moeten onderscheiden waar iets gezegd wordt, door wie en tot wie. Om een voorbeeld te noemen: de vrienden van Job geven niet allemaal woorden van God door, maar in hun spreken vibreren boze geesten vaak mee (bijv. Job 4:12-19).

Welke Nederlandse vertaling van de Bijbel heeft de voorkeur? Wel, de NBG-vertaling van 1951 en de Herziene Statenvertaling van 2010 kunnen we zonder meer aanbevelen. Met de NBV-vertaling van 2004 hebben we meer moeite: weliswaar is deze soms verduidelijkend, maar er zijn zoveel belangrijke bijbelse begrippen weg vertaald, waardoor deze vertaling ook vervlakkend werkt. Interessant om erbij te gebruiken in tweede instantie zijn vooral de Naardense Bijbel van 2005 en de Herziene Willibrord Vertaling van 1995.

Er is een goddelijke ijver voor nodig om in de woorden Gods te duiken! Niet alleen om kennis te vergaren, maar vooral ook om die kennis toe te kunnen passen op de cruciale momenten in je dagelijks leven. Zie de goudmijn van Gods Woord als een kostbare schat waar alle hulp voor je leven te vinden is! Dan krijg je de kostelijke ervaring: “Ik verblijd mij over uw Woord als iemand die rijke buit vindt” (Ps. 119:162).

Degenen die het Woord verkondigen, kunnen een positieve bijdrage leveren tot een veel grotere betrokkenheid bij hun boodschap. Al te gemakkelijk hoor je soms zeggen: “dat hoef je nu niet op te zoeken”. Of het gedeelte dat ze uit de Bijbel lezen om hun prediking aan op te hangen is zo kort, dat een toehoorder zou kunnen denken: “dat is me de moeite van het opzoeken niet waard, ik luister wel”. Dat argument deugt niet, maar het is nuttig om bij voorbaat een dergelijk argument de wind uit de zeilen te nemen. Laten we daarom niet zo marginaal zijn in ons bijbelgebruik tijdens de samenkomsten. Wij hebben geloof in werksamenkomsten, waarbij het juist geweldig goed kan zijn meerdere passages uit de Bijbel na te slaan. We zullen het van de bron moeten hebben en het is de Geest, die het Woord levend maakt. Wie werkelijk interesse heeft in de levende woorden van God leest van harte mee! De duivel is erop uit de samenkomsten arm te maken aan woorden van God.

Daarom: WEG met alle Woordarmoede! Word doorkneed in de Schriften (Hand. 18:24). Kom mee in een Woordopwekking, die uw leven verrijkt en tegelijkertijd doorreinigend werkt! Op die wijze wordt vervuld: “Het woord van Christus wone (niet: logere af en toe!) RIJKELIJK in u, zodat gij in alle wijsheid ELKANDER leert en terechtwijst” (Kol. 3:16). Het is mogelijk als christen van heel veel wat aardse zaken betreft op de hoogte te zijn, maar onvoldoende op de hoogte van de inhoud van het Woord van God en een te weinig je uitstrekken naar een leven op de hoogte, waartoe Gods Woord ons wil (ver)voeren!

Als u geen vleselijke christen wilt blijven, maar een geestelijke christen wilt worden, dan is het zaak gegrepen te raken van Gods levende en blijvende Woord! Het doen van het Woord verandert ons leven naar Gods wil! Daarom ontstaat er geen echte eenheid zonder het gehoorzamen van het Woord in de kracht van de heilige Geest! De weg van gehoorzaamheid leidt tot eenheid! Het hebben of zeggen van woorden van God is vers één, maar het doen ernaar is vers twee en alleen dat laatste voert naar pure, bijbelse eenheid.

5. De heilige Geest

De gemeente van het Nieuwe Verbond ontstond op de Pinksterdag door de krachtige uitstorting van de heilige Geest (Hand. 2) en zij kwam tot stand op grond van de dood aan het kruis en de opstanding uit de doden van de Here Jezus Christus.

De kracht van de mens schiet tekort, om – ook al is het wensen aanwezig – tot eenheid tussen christenen te komen. De Geest van God – Zijn heilige Geest – is absoluut nodig om eenheid te bewaren, zoals er staat: “u te beijveren de eenheid des Geestes te bewaren door de band des vredes” (Ef. 4:3).

Hoeveel christenen hebben wel niet de heilige Geest ontvangen? (Hand. 19:2). Soms blijkt uit de voortgang inderdaad of dit wel of niet de vrucht van die Geest heeft opgeleverd. Het eens ontvangen van Gods heilige Geest blijkt in de praktijk beslist onvoldoende te zijn tot blijvende eenheid, als wij ons niet steeds opnieuw ernaar uitstrekken om (aldoor) vervuld te worden met de heilige Geest (Ef. 5:18).

Hoeveel christenen hebben niet samen, éénparig om de volheid van de heilige Geest gebeden en zijn later – ondanks al die bidstonden op de knieën met elkaar – toch weer uit elkaar gegaan, omdat ze onenigheid kregen en zich toen niet konden buigen? Zij klapten wellicht ooit in hun handen bij vrolijke opwekkingsliederen, maar kregen er problemen mee handen van broeders te gaan schudden zonder daarbij te huichelen, toen er iets voorviel. Toen kwam het erop aan door de Geest van God wijsheid en inzicht te krijgen voor die situatie, in plaats van de voor de hand liggende vleselijke mogelijkheid te kiezen, om uit elkaar te gaan.

Veel christenen dienen zich bewust te worden van een weg die volgt op de doop in heilige Geest, namelijk het gaan gehoorzamen aan die Geest tot heiliging (1 Petr. 1:2; 2 Thess. 2:13). Anders gezegd: door te wandelen in de Geest niet te voldoen aan het begeren van het vlees en door de Geest het spoor te houden (Gal. 5:16,25). Dat spoor wordt gevormd door de wetten van de Geest in het hart en in het verstand (Hebr. 8:10 en Hebr. 10:16).

Het zegel of stempel van de heilige Geest die ons beloofd is, is een voorschot op onze erfenis (Ef. 1:13-14, NBV). De doop in de Geest is daarom een startkapitaal, geen doel in zichzelf, maar een voorschot of aanbetaling om deel te kunnen krijgen aan de volle erfenis van God. Het doel luidt dan ook: “opdat u zult volstromen met Gods volkomenheid” (Ef. 3:19, NBV), of “opdat u vervuld wordt tot ALLE VOLHEID GODS” (NBG). Nou en of dat EENHEID zal openbaren!

Velen willen graag in de Geest tekenen en wonderen doen of deze ervaren, maar misschien zijn zij iets belangrijks vergeten, namelijk: “indien gij door de Geest de werkingen van het lichaam doodt, dan zult gij leven. Want allen die door de Geest van God geleid worden, zijn zonen van God” (Rom. 8:13-14). Moet ik passief afwachten wat de Geest doet? Wie is er actief in dat doden? Ik, door de kracht van de heilige Geest! Het is precies in dezelfde strekking zoals David in het Oude Verbond zei: “door mijn hand is God door mijn vijanden heengebroken, zoals water doorbreekt” (1 Kron. 14:11). Dit is te vergelijken met het feit dat ik niet met mijn eigen handen een boom kan omhakken. De bijl alleen kan dit echter evenmin. Alleen als ik de bijl ter hand neem, kan de boom omgehakt worden!

Het doel van geestelijk volwassen zoonschap komt ons nader langs de weg van de goede strijd van het geloof! In die richting geleid worden, is bij velen niet populair, vandaar dat men soms liever vlucht in “geestelijk entertainment”, vooral een “goed gevoel” hebben en veel uiterlijk vertoon. Dit in plaats van de gehele wapenrusting van God aan te doen, om geestelijk strijd in de hemelse gewesten te leveren tegen de boze geesten (Ef. 6:12), die ons de geestelijke weg willen versperren, maar die we mogen passeren, zelfs als het geestelijke grootvorsten (wereldbeheersers dezer duisternis) betreft. Zonder strijd is er geen overwinning op de zonde en zonder het tevoorschijn komen van overwinningsleven is eenheid tussen (vleselijke) christenen onmogelijk!

EEN van Geest zijn – dezelfde Geest van God ontvangen hebben – is het begin, om de weg te gaan naar het doel: de eenheid des geloofs bereiken, de mannelijke rijpheid (Ef. 4:13). Op een andere plaats zegt de Schrift: “EEN van zin en EEN van gevoelen” (1 Kor. 1:10). Dat is een veel diepere eenheid, dan alleen samen de Geest te hebben ontvangen als fundament voor geestelijke groei. Zonder die kracht van de Geest van God is eenheid tussen christenen mensonmogelijk! Het is zoals een lied zegt: “en Zijn Geest doorbreekt de grenzen, die door mensen (en satan!) zijn gemaakt”!

6. Gebed

Voor velen is gebed een ritueel geworden, dat niet verder komt dan het ‘plafond’ en zich wellicht beperkt tot “Here zegen deze spijze, amen” en een ‘EHBO-gebed’ in nood. Op die manier wordt God een noodhulp in plaats van een hulp in nood.

Bij bidden denken wij aan een betrekking hebben op God, in een vertrouwelijke verhouding met Hem door Jezus Christus. Zoals Ps. 62:2 zo mooi weergeeft: “Waarlijk mijn ziel, keert zich stil tot God, van Hem is mijn heil”. Het is contact hebben met God in een persoonlijke relatie en levende verbinding met Hem! Als Christus ons hoofd is en wij behoren tot Zijn lichaam, dan is – zei iemand eens – gebed de nek. Als wij niet bidden, dan draaien wij onszelf figuurlijk gesproken de nek om en plegen we een halsmisdaad.

Gebed is de motor van ons geestelijk leven! Wij spreken dan immers tot de Bron van alle leven, alle goed en alle kracht, onze Vader, die in de hemelen is.

In een gemeente zijn de bidstonden en gebedskringen of gebedscellen het kloppende, centrale hart van het geheel. We kunnen ook zeggen: het is de geestelijke “elektriciteitscentrale”, waaruit we de kracht en wijsheid van God putten, om individueel als christen verder te gaan en als gemeente te bidden voor alle noden, te danken voor alle zegeningen en te vragen om Zijn wijze leiding.

Satan is er altijd op uit ons van dat bidden af te houden en altijd zijn er excuses te bedenken, om niet tot “stille tijd” te komen, of een reden te vinden, om de bidstond niet te bezoeken. We zijn dan zogenaamd te druk (met ditjes en datjes) om te bidden en te danken. Bill Hybels schreef een boek waarvan de titel opmerkelijk is: “Te druk om NIET te bidden”! God wil graag dat we in Zijn wachtkamer en spreekkamer zitten, waar we een consult en hulp voor onszelf zoeken en waar we een beroep doen op de allergrootste Arts voor anderen.

Gebed is topprioriteit, omdat zonder dat we biddend bezig zijn in de hemelse gewesten (de geestelijke wereld) ons geestelijk leven niet loopt en we vervlakken tot een voornamelijk invullen van ons natuurlijke leven. Dat betekent zowel het nemen van afgezonderde en afzonderlijke tijd, om te bidden, als het “bidden zonder ophouden” (1 Thess. 5:17), waarbij je steeds tussen je dagelijkse bezigheden door dat ‘lijntje naar boven’ hebt, om alles met God te bespreken, het Hem voor te leggen en de omstandigheden en situaties aan Zijn handen toe te vertrouwen. De trein rijdt alleen als deze is aangesloten op de bovenleiding. Zonder stroom van God in ons leven redden we het niet!

Een dag heeft 96 kwartieren, of als we er acht uur slaap vanaf trekken 64 kwartieren. Hoeveel tijd, of kwartiertjes, besteden we aan “lees je Bijbel, bid elke dag, als je groeien wilt”? Dat is niet maar een kinderlied, maar een koor voor christenen die geestelijk volwassen willen worden!

In de eerste gemeente zien we dat de krachtige openbaring van Gods aanwezigheid vooral te maken had met hun gebedsleven. “Deze allen bleven eendrachtig volharden in hun gebed” (Hand. 1:14). “En terwijl zij baden, werd de plaats, waar zij vergaderd waren bewogen, en zij werden ALLEN vervuld met de heilige Geest en spraken het woord Gods met vrijmoedigheid” (Hand.4:31). Als wij samen intens bidden beléven we: “God is tegenwoordig, God is in ons midden”!

Samen bidden zien we regelmatig in het boek Handelingen en deze samengebalde kracht van de gemeentebidstond tot God voerde er bijvoorbeeld toe dat God Petrus uit de gevangenis leidde, zodat zij het aanvankelijk zelfs nauwelijks konden geloven en meenden dat zijn engel voor de deur stond (Hand. 12:12-18).

Jezus sprak een gelijkenis tot zijn discipelen dat zij altijd moesten bidden en niet verslappen (Luk. 18:1). Er wordt een appèl op ons gedaan om “volhardend in het gebed” te zijn (Rom. 12:12, vergelijk Kol. 4:2). In de aanhef van zijn brieven dankt en bidt Paulus voortdurend en intensief voor de gemeenten. Naast zijn complimenten aan de gemeenten en dankzeggingen aan God vermaant hij de gemeenten ook, onder andere om de EENHEID te bewaren (1 Kor. 1:10-17). Of op een andere plaats: “dat gij vaststaat in één geest, één van ziel medestrijdende voor het geloof aan het evangelie, zonder dat gij u in enig opzicht door de tegenstanders laat beangstigen” (Fil. 1:27-28).

Het gebed is een enorme kracht, om eenparig God te zoeken en aan te roepen, om bijvoorbeeld samen van harte te bidden voor de plaats waar je woont. Dat geeft de herkenning van kinderen van God, die gezamenlijk de Here zoeken en bidden voor de intense nood van de verdrietige verdeeldheid en om geestelijke, maar ook praktische eenheid. Het bidden om ware eenheid heeft de Here Jezus Zelf ook gedaan in Zijn zogenaamd hogepriesterlijke gebed (Joh. 17) en Hij bad naar de wil van de Vader.

In ons verlangen naar echte eenheid, zoals de Heer het oorspronkelijk met Zijn gemeente heeft bedoeld, zullen wij bidden en werken, maar de resultaten bovenal van boven verwachten. Niettemin mogen wij initiatiefrijk zijn, om door samen te bidden met christenen van verschillende achtergronden de eenheid te bevorderen. De gebedsweek, op aanreiken van de Evangelische Alliantie, geeft impulsen daartoe in de goede richting.

Jildert de Boer

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.